Vergelijkingen tussen UFO-ontvoeringen en vermeende kidnappings door militairen of geheime diensten.

In 1992 ging onder leiding van Dan Wright het project MUFON-Abduction Transcription (MATP) van start. Ten behoeve van dat project stelden vijftien therapeuten en UFO-ontvoeringsonderzoekers bandopnamen van 142 UFO-ontvoeringsgevallen ter beschikking (stand 1995).33 Deze geluidsbandgegevens worden geanalyseerd en op overeenkomsten, verschillen en andere statistische kenmerken onderzocht. Op de komende pagina kunt u de onderzoeksresultaten van het MATP vergelijken met een testgroep van tien personen die naar hun eigen zeggen behalve door ufonauten ook door militairen of medewerkers van geheime diensten ontvoerd zijn. De laatste soort ontvoeringen wordt aangeduid met de afkorting MILAB (van military abduction). Onder de testgroep (TG) bevinden zich enkele personen op wier lotgevallen in het vorige hoofdstuk al ingegaan is. De testgroep bestaat uit Casey Turner, Katharina Wilson, Leah Haley, Debbie Jordan, Polly, Pat, Lisa, Beth, Angie en Amy. De namen van de zes laatstgenoemde vrouwen zijn pseudoniemen. Hun gevallen werden onderzocht door dr. Karla Turner en de psychotherapeute Barbara Bartholic. De testgroep moet worden beschouwd als een representatieve doorsnede. In de volgende zeven punten worden de belangrijkste gebeurtenissen tijdens een UFO-ontvoering met die tijdens een militaire kidnapping vergeleken.

1. Aankondiging van een ontvoering: vaak wordt een UFO-ontvoering voorafgegaan door een buitenzintuiglijk voorgevoel dat er iets bijzonders te gebeuren staat. Bij het MATP-project meldden vierendertig personen dat zij de ufonauten op de een of andere manier al waarnamen vóórdat zij ze gezien hadden. Vijftien anderen hadden een precognitieve ingeving. Deze voorgevoelens gaan vaak gepaard met eigenaardige, op het zoemen van een hoogspanningskabel lijkende, geluiden in het hoofd van de betrokkenen. Ook de personen van de TG hadden zulke voorgevoelens voordat de ufonauten verschenen. Vóór een MILAB hoorden zij, voorzover ze zich konden herinneren, helikopters of geluiden van voertuigen. Van de tien personen van de TG werden er acht door mysterieuze zwarte helikopters zonder kenteken lastiggevallen.

2. De verschijning van de ontvoerders: voor zover de ufonauten niet al naast hun slachtoffer staan, lijken ze te beschikken over het vermogen om door materie heen te dringen. Zo namen drieëntwintig personen van het MATP-project waar hoe de wezens door een gesloten raam, een muur of het dak in hun kamer verschenen. In eenendertig MATP-gevallen transporteerden de ufonauten hun slachtoffers dwars door gesloten ramen of andere materiële hindernissen naar een UFO. Van de TG deden acht personen voor of na hun ontvoering door ufonauten ee dergelijke ervaring op. Bij de MILAB-gevallen drongen de menselijke ontvoerders door de deur naar binnen. Debbie Jordan werd door haar vermeende vriend van haar huis weggelokt en bij diens hut in het bos ontvoerd.

3. Bewustzijnsverandering: tijdens een UFO-ontvoering gaat het bewustzijn na de verschijning van de ufonauten gewoonlijk spontaan over in een tranceachtige toestand. De slachtoffers zijn verlamd, verward of gedesoriënteerd en staan machteloos tegenover hun ontvoerders. In deze toestand van veranderd bewustzijn kunnen de ontvoerden echter wel gebeurtenissen in hun omgeving waarnemen. Er zijn tot op heden geen aanwijzingen dat kinderen tijdens een UFO-ontvoering in die toestand kunnen worden gebracht. Alle tien leden van de TG beleefden deze bewustzijnstransformatie tijdens hun UFO-ontvoering(en). Bij hun MILAB kregen ze van hun kidnappers een injectie toegediend. Daarop raakten sommigen van hen buiten bewustzijn of konden ze hun omgeving nog maar nauwelijks waarnemen. Er zijn geen gevallen bekend waarin kinderen door militair personeel werden ontvoerd.

4. Overbrenging naar het wachtende vliegende object: Bij het transport naar een onbekend vliegend object hebben de ontvoerden meestal het gevoel dat ze zweven. Van de in het MATP-project bestudeerde personen werden er vijfenzeventig in zwevende toestand naar de UFO gebracht. In tweeëndertig gevallen zweefden de personen in een laserachtige lichtstraal omhoog en door een opening de UFO binnen. Velen zagen de buurt waar zij woonden van bovenaf. De kleur van de lichtbundel wordt omschreven als transparant blauwachtig wit, oranje of geel. In drieënvijftig MATP-gevallen werd de UFO door de ontvoerden waargenomen. Negenendertig personen beschreven de UFO als discusvormig en elf als sigaar- of bolvormig. De overige UFO's werden omschreven als driehoekig, ovaal of boemerangachtig. Van de TG meldden alle tien personen dat ze zwevend naar een UFO werden overgebracht, terwijl men hen tijdens de MILAB lopend naar een gereedstaande auto of helikopter leidde.

5. De ruimtes: de onderzoeksruimte in de UFO wordt gewoonlijk rond genoemd. Bij het MATP-project beschreven drieënveertig personen een rond vertrek. Dat strookt met de beschrijving van een discusvormig voertuig. In zeventien gevallen werden grote ruimtes beschreven waarin verschillende ontvoerden tegelijkertijd onderzocht werden. Vierentwintig personen roken ongewone geuren. De verlichting in de onderzoeksruimte werd in het algemeen als "bovennatuurlijk helder" omschreven. Soms verblindt zulk licht de ontvoerde personen. De overige ruimtes worden daarentegen schemerig tot donker genoemd. Wat de MILAB betreft, beschreven negen personen van de TG dat ze in kamers of zalen werden binnengeleid die aan een ziekenhuis deden denken. Die vertrekken zijn rechthoekig en hebben vaak glazen wanden. De verlichting wordt als normaal ervaren en er worden geen vreemde geuren waargenomen.

6. Onderzoek: nadat de ontvoerde op een onderzoekstafel is gelegd, begint het onderzoek. Meestal gaat van een van de wezens een geweldige mentale kracht uit, die de ontvoerden verlamt. In vierenzeventig MATP-gevallen was een lichte aanraking van het hoofd of alleen maar aanstaren voldoende om die toestand van verlamming te bewerkstelligen. Dertien ontvoerden moesten vóór het onderzoek een vloeistof drinken. Zeventien personen meldden dat ze met klemmen aan de tafel werden vastgemaakt. Deze laatste, verdacht aards klinkende behandelmethode werpt enkele vragen op. Want waarom zouden enkelen aan de onderzoekstafel vastgemaakt moeten worden, terwijl anderen door de ufonauten met behulp van mentale krachten verlamd werden? Het onderzoek concentreerde zich bij eenenveertig personen op de hersenen. Het brein werd met een toestel afgetast of door middel van fijne naalden of boortjes onderzocht. Bij dertig personen werd via de neus of het oor een implantaat ingebracht. Bij één persoon werd een micro-object in een oogkas, een arm en een been geïmplanteerd. In negenentwintig gevallen werden bloedmonsters, weefsel, botmateriaal en andere lichaarnsvloeistoffen weggenomen.

Alle personen van de TG werden tijdens hun UFO-ontvoering aan soortgelijke procedures onderworpen. Bij allen werden via de neus of het oor een of meer micro-objecten in het hoofd geïmplanteerd. Vijf personen van de TG kregen een oorimplantaat. Behalve Casey Turner werden allen tijdens de MILAB door menseiijke artsen onderzocht. Bij Debbie, Leah, Angie en mogelijk ook Katharina namen artsen implantaten uit het hoofd weg. Bij Angie brachten ze wellicht via een neusgat een binnen het leger ontwikkeld micro-implantaat in. Behalve in het geval van Casey werden ook andere medische tests, zoals gynaecologisch onderzoek op de ontvoerden verricht. Enkelen kregen ook een vloeistof te drinken. Vóór deze onderzoeken werden de ontvoerden met gebruikelijke methodes verdoofd of onder invloed van drugs gebracht.

7. Gedragingen van de ontvoerders: Het gedrag van de ufonauten jegens de ontvoerden wordt over het algemeen koel maar zeker niet ruw of bruut genoemd. Daarentegen vertellen MILAB-ontvoerden dat ze door hun militaire kidnappers niet bepaald zachtzinnig werden behandeld. Ze werden vaak aan harde militaire verhoren en mind control-methodes onderworpen of door wachtposten voortgeduwd dan wel mishandeld. In enkele gevallen zijn er zelfs aanwijzingen van verkrachting. De betrokkenen beginnen tenslotte meer vrees te koesteren voor hun aardse kidnappers dan voor de ufonauten.

In de afbeeldingen hieronder zijn de verschillen tussen beide soorten ontvoering weergegeven. De uitgebreide vergelijking hieronder laat zien dat UFO-ontvoeringen, behalve wat punt 6 (onderzoek) betreft, zeer verschillen van de andere ontvoeringen. Het gedrag van de bij militaire ontvoeringen betrokken personen verraadt onmiskenbaar menselijke trekken! Een ander interessant onderdeel van de studie betreft de plaatsen waar de naar eigen zeggen door militairen ontvoerde mensen worden heengebracht. Van de tien personen van de TG beweren er acht dat ze naar een ondergrondse militaire basis werden gebracht. Wil men de beweringen van de ontvoerden op hun juistheid toetsen, dan moet men ook die geruchten onderzoeken. Zoals wij in de volgende paragraaf zullen zien, werden en worden in de VS inderdaad, in het diepste geheim, ondergrondse militaire installaties en complexen gebouwd.

Gebeurtenissen UFO-ontvoering Militaire kidnapping
Begin
Voorgevoelens, vreemde geluiden
of stemmen in het hoofd.
Helikopters, geluiden van voertuigen.
Bewustzijnstransformatie

De slachtoffers zijn verlamd, gedesoriënteerd,
confuus, kunnen hun omgeving echter
waarnemen.
De slachtoffers krijgen een injectie
en verliezen daarna vaak het
bewustzijn.
Verschijning van de
ontvoerders
Wezens dringen door vaste materie heen de
de woning binnen.
Militairen dringen door de voordeur
het huis binnen.
Transport


Het transport naar de UFO wordt meestal
zwevend waargenomen, waarbij ontvoerders
en slachtoffers door vaste hindernissen
heengaan.
De slachtoffers worden naar een
helikopter of voertuig gedragen of
geleid.
Lichtbundel

Vele ontvoerden delen mee dat ze in een
blauwachtig-witte lichtbundel naar de UFO
zweefden.
 
Vorm van het object
Meestal beschreven als discus-, bol- of
sigaarvormig.
Helikopters, vrachtwagens,
autobussen.
Ruimten
Ronde steriele vrij donkere ruimten, in de
onderzoeksruimte echter helder licht.
Rechthoekige vertrekken als in een
ziekenhuis of laboratorium.
Begin van het onderzoek



Van de wezens gaat een zeer sterke mentale
kracht uit. Het slachtoffer raakt door
aanstaren of aanraking verlamd.

De slachtoffers worden op een
onderzoekstafel of in een
gynaecologische stoel vastgebonden.
Soms krijgen ze een vloeistof te
drinken.
Onderzoek



Er worden monsters genomen van weefsels,
bloed of andere lichaamsvloeistoffen.
Inbrengen/verwijderen van implantaten
alsmede gyneacologisch onderzoek.
Er worden monsters genomen van
weefsel, bloed of andere lichaams-
vloeistoffen. Inbrengen/verwijderen
van implantaten alsmede
gyneacologisch ondezoek.
Gedrag


De wezens worden beschreven als koel en
berekenend, maar zeker niet bruut.

Er zijn meldingen van brute verhoren
die door middel van mind-control-
methodes werden uitgevoerd en
zelfs verkrachtingen.

Deze tabel geeft een vergelijking tussen typische UFO-ontvoeringservaringen en gevallen van militaire kidnapping. Behalve belangstelling voor implantaten, weefselmonsters en gyneacologisch onderzoek van vrouwelijke ontvoeringsslachtoffers zijn er geen overeenkomsten te bespeuren.

Ontvoeringsslachtoffer
UFO/militairen
Elektrische
storingen
Donkere
helikopters
Militairen
aanwezig
Ondergronds
complex
Polly1 ja nee ja nee
Pat1 ja nee ja ja
Anita1 ja nee onduidelijk nee
Beth1 ja ja ja ja
Jane1 ja ja nee nee
Angie1 ja nee ja ja
Amy1 ja ja ja ja
Lisa1,2 ja ja ja ja
Katharina Wilson2 ja ja ja ja
Leah Haley3 ja ja ja ja
Casey1 ja ja ja ja
Debbie Jordan4 ja ja ja onduidelijk

Deze tabel geeft verscheidene overeenkomsten van twaalf MILAB-slachtoffers weer. Interessant is vooral dat negen van de gekidnapte personen beweren dat ze naar een ondergronds onderzoekscomplex werden gebracht. Alle twaalf klagen over storingen in hun elektrische huishoudelijke apparaten, en acht van hen werden door de donkere helikopters lastiggevallen.
1= dr. Karla Turner,
43
2= persoonlijke communicatie met de betrokkenen
3= dr. Karla Turner,
46
4= Debbie Jordan.
29

Bronnen:

29 Debbie Jordan en Kathy Mitchel, Abducted! The Story of the intruders Continues, Carroll & Graf Publishers, New York 1994. Ned. vert. door Henk Popken, Ontvoerd, v. Reemst, Houten, 1996.
33 Dan Wright, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
43 Karla Turner, Taken: Inside the Alien-Human Abduction Agenda, Kelt Works, 1994.
46 Karla Turner, Into the Fringe: A True Story of Alien Abduction, Berkeley Books, New York 1992.