Kidnappen militaire eenheden personen die beweren dat ze door ufonauten werden ontvoerd?

Hoe langer het onderzoek van het verschijnsel UFO's duurt, hoe ingewikkelder het lijkt te worden. Een vergelijkbare situatie lijkt zich bij de UFO-ontvoeringen af te tekenen. De afgelopen tien jaar zijn er steeds meer UFO-ontvoeringsgevallen opgedoken die het vermoeden wettigen dat althans de VS militaire eenheden heeft waarvan de leden er niet voor terugdeinzen (vermeende) UFO-ontvoerden te kidnappen. Dat zou betekenen dat de UFO-werkgroep van de DIA slechts zoiets als het topje van een ijsberg is. Deze (militaire) UFO-eenheden moesten wel onder het mom van de nationale veiligheid en in het kader van een black budget-programma te werk gaan om hun illegale daden ongehinderd te kunnen plegen. De hier gepresenteerde studie is een eerste poging om dit netelige thema objectief onder de loep te nemen. Om de problematiek enigszins statistisch te kunnen onderbouwen, heeft men een wereldwijde enquête onder de meest uiteenlopende UFO-onderzoeksorganisaties gehouden.

Vaak lijkt er een verband te bestaan tussen de mysterieuze helikoptervluchten en de vermeende militaire kidnappings van personen met UFO-ontvoeringservaringen. Sommige UFO-onderzoekers spreken niet graag over deze gevallen en willen deze onaangename aspecten om zo te zeggen wegverklaren. Een van de bekendste ontvoeringsonderzoekers, professor Jacobs, deelde mee dat ook hij dergelijke gevallen in zijn dossier heeft, maar niet gelooft dat een militaire eenheid UFO-ontvoeringsslachtoffers andermaal ontvoert om hen door middel van mind control-methodes te ondervragen of hun herinneringen aan het gebeurde met behulp van hersenspoelingstechnieken uit te wissen.44 Vaak zijn de verklaringspogingen van de sceptici fantastischer dan wat de ontvoerden beweren. Zou werkelijk een militaire eenheid personen met een UFO-ontvoeringservaring andermaal kidnappen om proeven op hen uit te voeren of inlichtingen in te winnen, dan zou dat niet alleen een reeks vragen doen rijzen, maar er ook enkele beantwoorden. De personen over wier lotgevallen het hieronder gaat lijden aan een posttraumatisch stress-syndroom (PTSS). Een recente studie over soldaten die tijdens de Golfoorlog aan het front hebben gestreden, onthulde dat zij enkele jaren na hun thuiskomst last kregen van traumatische herinneringen. Een in het American Journal of Psychiatry gepubliceerde studie weerlegde de tot dan toe aangehangen PTSS-theorie dat na het opduiken van de traumatische herinneringen angstgevoelens en depressies zouden ontstaan.46 Onderzoek heeft namelijk uitgewezen dat zich bij de Golfoorlog-veteranen eerst de angstaanvallen voordoen en dat daarna pas de traumatische herinneringen opdoemen. Het PTSS wordt onderverdeeld in drie hoofdcategorieën:

1. Hypernerveuze reacties, die uitmonden in slaapstoornissen.

2. Telkens terugkerende flashbacks, die akelige herinneringen oproepen.

3. Verdringing, waarbij het beleefde geloochend wordt.

In het gebruikelijke cognitieve model neemt men aan dat de herinneringen aan de akelige gebeurtenissen de hypernerveuze reacties ontketenen. De Golfoorlog-veteranen begonnen enkele maanden na de traumatische belevenis, en zonder zich deze te kunnen herinneren, duidelijke tekenen van hypernervositeit te vertonen. Dr. Andy Morgan van het West House Veteran's Affairs Medical Center in Connecticut is van mening dat niet de herinneringen het PTSS veroorzaken, omdat deze uit de hersenstam komen. Dat zou met andere woorden betekenen dat het rationele gedeelte van de hersenen geen aandeel heeft in het PTSS, maar dat het doorleefde geleidelijk vanuit het onderbewuste tot het oppervlak van het bewustzijn begint door te dringen.

Dat nieuwe inzicht brengt de UFO-ontvoeringen dichter bij het rijk der mogelijkheden, omdat de traumatische ervaringen diep in het onderbewuste verankerd liggen en spontaan in de vorm van flashbacks tot het bewustzijn van het slachtoffer beginnen door te dringen. Casey (pseudoniem) Turner kreeg in mei 1988 een dergelijke flashback toen hij zich een ontvoering door ufonauten tijdens zijn kinderjaren begon te herinneren.46

Onder regressiehypnose beleefde hij deze UFO-confrontatie die in 1940 plaatsvond nogmaals. Hij herinnerde zich dat hij en zijn vader door kleine ufonauten uit hun auto gehaald en naar een vliegend object werden gebracht dat naast de weg was geland en een oranje gloed verspreidde. Voor Casey was de hypnosesessie zeer aangrijpend, omdat hij die belevenis achtenveertig jaar lang verdrongen had. De grote donkere ogen van de wezens hadden op hem de meeste indruk gemaakt. Hij herinnerde zich een lichamelijk onderzoek aan boord van het onbekende vliegende object. Die herinnering deed als een katalysator andere UFO-ontvoeringservaringen uit zijn onderbewuste naar boven komen. Casey had een militaire carrière achter de rug. Hij werkte als linguïst bij de militaire inlichtingendienst. Na zijn diensttijd rondde bij een studie computerwetenschappen af.

Kort nadat hij zijn UFO-ontvoeringservaring was begonnen te verwerken, hoorde zijn vrouw Karla vreemde geluiden in huis. Eenmaal had ze het gevoel dat een stem vanuit een hoek van de slaapkamer tegen haar praatte. Die stem klonk alsof een hele groep personen simultaan sprak. Een andere keer werd het echtpaar gevolgd door een witte auto toen zij na een bezoek aan de hypnotherapeute Barbara Bartholic in Oklahoma naar huis terugreden. De bestuurder van de witte auto moest hen wel de hele dag gevolgd zijn, want eerder hadden ze hem op de parkeerplaats van het hotel gezien.

De volgende avond onderwierp Casey zich ten tweede male aan een door Barbara Bartholic uitgevoerde regressiehypnose, om een voorval dat zich in zijn jonge jaren in Kansas had afgespeeld te onderzoeken. Casey herinnerde zich alleen dat zijn neus pijn deed. Onder hypnose beschreef hij hoe er een UFO landde op een veld waar hij en andere kinderen aan het spelen waren.

Casey: "Het was echt daar, Barbara. Ik herinner me nu weer dat ik heel bang was om daar naartoe te lopen... Ik probeer erachter te komen waarom mijn neus zo'n pijn doet. Ik herinner me hoe ik mijn moeder vertelde dat ik dacht dat m'n neus gebroken was. Maar ik had niet gevochten. En toch deed het zo zeer. Het doet vanbinnen pijn. Het móet geen pijn doen. Het voelt aan alsof het groot is. Ik herinner me dat Bill en ik ernaartoe gingen om te kijken. Behalve dat mijn neus pijn doet, kan ik mij niets herinneren. Het voelt of het bovenste stuk van mijn neusbeen gebroken is. Het voelt of ik geslagen ben. Maar we hebben niét gevochten."46

Verder onderzoek bracht aan het licht dat Casey en Bill door drie kleine wezens aan boord van de UFO werden gebracht. In de UFO zag Casey zichzelf op een tafel liggen. Nadat hij zijn trauma te boven was gekomen, beschreef hij hoe een van de wezens een naaldvormig instrument in zijn neus inbracht. Casey beleefde onder hypnose nogmaals de pijn die het instrument veroorzaakte toen het een membraan doorboorde en tot zijn hersenen doordrong. Deze procedure wordt beschreven door vele personen met een UFO-ontvoeringservaring. Onderzoekers vermoeden dat bij de ontvoerden transnasaal een implantaat wordt ingebracht. Een volgende regressiehypnosesessie bracht een ontvoeringservaring met een seksuele component aan het licht.

Nadat de echtelieden uit Oklahoma waren teruggekeerd, gebeurden er in hun huis wederom vreemde dingen. Beiden hoorden stemmen in hun hoofd, en enkele elektrische apparaten draaiden dol. Op een ochtend ontdekte Karla kleine pigmentloze littekens op haar buik en twee gaatjes in haar linkerpols die kennelijk veroorzaakt waren door injecties. Deze verontrustende verschijnselen gingen andermaal vergezeld van drukke helikopteractiviteit. Vóór 1988 hadden ze geen helikopters gezien. Maar daarna ging er geen dag voorbij of er raasde er wel een over hun erf.46 Onderzoek naar die vluchten leverde, zoals in andere gevallen, geen bevredigend resultaat op.

In november 1988 kreeg Casey een heel indringende flashback. Hij zag zichzelf in de tuin van zijn huis staan kijken naar een grote zwarte wolk. Hij hoorde lawaai van een helikopter. Daarna zag hij hoe uit de wolk een witte vrachtauto naar beneden viel. Kort daarop zag hij zichzelf in een tunnel die in een ondergrondse ruimte eindigde. De andere herinneringsflarden waren diffuus en zonderling. Hij meent dat hij zich met een vriend in een ruimte bevond die op een saloon (een "western-café") leek. Het is heel goed mogelijk dat de vele helikoptervluchten deze verdrongen herinneringen uit zijn onderbewuste naar boven hebben doen komen.

In 1991 begon Casey zijn vreemde geheugenhiaten met behulp van regressiehypnose op te vullen. Zijn onderbewuste opende zich geheel en bracht een schokkende ervaring aan het licht. Tijdens de sessie vernamen de therapeute en Karla Turner dat Casey met een helikopter of een vrachtwagen naar een drassig gebied was gebracht. De precieze wijze van vervoer kon niet meer worden achterhaald. Vervolgens herinnerde Casey zich dat hij via een enigszins dalende tunnel in een onderaards complex terechtkwam.46 Even later had hij het gevoel dat hij met een lift vrij snel naar beneden ging. In het onderaardse complex zag hij gebouwen en diverse verlichtingsinstallaties. Daarna liep hij door verschillende deuren en een gang. Hij vertelde dat hij door personen die een soort rijlaarzen droegen geëscorteerd werd. De ruimtes leken airconditioning te hebben. Hij werd naar een wachtkamer gebracht die op een saloon leek. In dat vertrek zag hij behalve zijn zoon nog andere mensen. Casey kreeg de indruk dat die personen stoned waren of sterke kalmeringsmiddelen hadden gekregen. Op de achtergrond speelde zachte muziek. Kort daarop werd Casey tijdens de hypnose onrustig en begon hij te praten over een militair, een officier. Blijkbaar weigerde hij aan iets mee te werken. Een excerpt uit het hypnoseverslag:46

Barbara (B): "Wie is die man die niet over je te spreken is?"
Casey (C): "Ik kan een militair uniform zien... een groen militair uniform. Hij heeft kortgeknipt haar en draagt geruisloze schoenen."
B: "Hoeveel militairen zijn er in je omgeving?"
C: "Een wachtpost en die officier."
B: "Wat doet die wachtpost?"
C: "Hij houdt alleen de wacht. Hij praat nooit. Hij escorteert ons alleen maar."

Daarna beschreef hij uitvoerig het vertrek dat op een saloon leek. Op een gegeven moment werd hij door de wachtpost uit dat vertrek geleid.

C: "We gaan naar links en daarna weer naar rechts. Er zijn stalen deuren."

Achter een van die deuren was een kamertje met twee metalen stoelen en een tafel. Nadat Casey was gaan zitten, werd hij door de officier ondervraagd. De wachtpost verliet het kamertje en posteerde zich buiten voor de deur. Casey bleef alleen achter met de kwaad geworden officier. Hij schatte diens leeftijd op ongeveer vijfenvijftig jaar. Naar bleek werd hij verhoord. Hij kon zich niet meer herinneren of hij drugs toegediend had gekregen. Casey merkte dat hij afgestompt reageerde. Hij kreeg het gevoel of iemand hem zijn gedachten wilde ontfutselen. Barbara Bartholic kon hierover verder niets meer van Casey te weten komen. Mogelijk waren zijn herinneringen door middel van mind control-methodes uitgewist. Na het verhoor en de intimidatiepogingen werd hij door de wachtpost weggeleid. Casey beschreef nog enkele objecten in het onderaardse complex. Op weg naar de verhoorkamer kwamen ze langs machines die hem aan dieselgeneratoren deden denken.

De militaire kidnapping was voor Casey schokkender dan zijn UFO-ontvoeringservaringen. Hij kon maar niet bevatten dat zijn eigen regering haar burgers ontvoert en als vijanden behandelt. Na die ervaring kwamen de Turners erachter dat zich ongeveer vier kilometer van hun huis een ondergronds regeringscomplex bevindt, waarvan de ingang gelegen is aan een klein moerasachtig meer. Of Casey naar dat complex werd overgebracht, valt niet te bewijzen. Als Casey werkelijk door een militaire eenheid gekidnapt werd, vraagt men zich af wat de reden van zo'n ontvoering zou kunnen zijn. Zoals hij onder hypnose vertelde, zag hij in de "wachtkamer" ook anderen met UFO-ontvoeringservaringen. Helaas bleek de mentale blokkade zo sterk dat men niet kon vernemen wat de militairen van de ontvoerden wilden weten. Mogelijk werden de herinneringen van de ontvoerden door middel van drugs of psycho-elektronische methodes geheel uitgewist.

Ook de UFO-ontvoeringservaringen van Debbie Jordan vertoonden, naast de eerder besproken helikopteractiviteiten, een aardse kidnappingscomponent.29 Debbie leerde in 1986 een nieuwe vriend kennen. Hij vertelde dat hij in een grote fabriek in Indianapolis werkte. Na enkele weken nodigde hij haar uit voor een romantisch weekend in zijn hut in een bos. Maar het romantische uitje werd voor Debbie een helse trip. Toen ze bij de hut van haar vriend arriveerden, meende ze iemand te zien die zich achter een struik verborgen hield. Toen ze dat tegen haar vermeende vriend zei, zag ze nog hoe zijn gezicht een gemene uitdrukking aannam. Even later kreeg ze een doek om haar hoofd gebonden, zodat ze niets meer kon zien. Daarna werd haar een injectie toegediend en raakte ze buiten bewustzijn.

Toen ze weer bijkwam, was ze nog onder invloed van drugs. Ze kon het geluid van een motor horen. Misschien werd ze met een brancard in een voertuig gedragen. Daarna bezwijmde ze opnieuw. Toen ze opnieuw bijkwam, had ze het gevoel of ze zich in een lift bevond. Na de tocht met de lift werd ze door een lange witte gang geleid. Onderweg kwam Debbie langs enkele ramen waar metaaldraden doorheen liepen. Ze was in het gezelschap van zes in oranje overalls geklede mannen met honkbalpetten op. Vóór de groep liepen twee mannen in witte jassen. Zij waren ouder dan de zes begeleiders en spraken met een accent uit de zuidelijke staten van de VS. Ze kan zich ook nog herinneren dat zijzelf ziekenhuiskleding droeg. Ze wilde daar volstrekt niet zijn maar kon zich er niet tegen verzetten. De mannen brachten haar naar een door glazen wanden omgeven ruimte. Een van de twee oudere mannen stak een pasje in een gleuf rechts van de deur, die daarna automatisch naar buiten toe openging. Ze legden Debbie op een onderzoekstafel en namen monsters uit diverse lichaamsopeningen. Voorts werden haar met een injectienaald nog andere stoffen toegediend.

Debbie kan zich nog herinneren dat het vertrek waarin men haar onderzocht deel uitmaakte van een grote zaalachtige ruimte. Deze was door glazen tussenwanden in kleinere vertrekken verdeeld. In de andere vertrekken bevonden zich eveneens tafels, die echter niet in gebruik waren. De oudere man die Debbie als arts in herinnering heeft, boog zich over haar heen en fluisterde haar met zijn zuidelijk-Amerikaanse accent het volgende toe: "Liefje, er zit een afluisterdingetje in je oor en ik zal het er nu voor je uithalen. Het zal geen pijn doen en daarna zul je je beter voelen."29

Na dit korte praatje bracht de dokter een lang metalen instrument in haar oor in. Toen hij het er weer uithaalde, zag ze aan de top van het instrument een bolletje dat haar aan een mug deed denken, want er hingen kleine draadjes aan. Het bolletje was bedekt met een bloedkorstje. Daarna viel ze weer in zwijm, totdat ze totaal versuft in de hut van haar "vriend" weer bij kennis kwam. De volgende morgen bracht hij haar zonder daar een reden voor te geven naar huis. Debbie had daar niets op tegen, want ze voelde zich nog altijd misselijk. Hoewel ze zich op dat moment niets meer kon herinneren, wist ze dat haar iets bijzonder akeligs was overkomen. Haar "vriend" verkocht vervolgens zijn hut, nam ontslag bij de firma waar hij werkte en verdween uit Debbies leven.

Omdat Debbie waarschijnlijk drugs kreeg toegediend, kan ze zich het gebeurde niet meer nauwkeurig herinneren. Maar kennelijk waren haar kidnappers er niet in geslaagd haar herinneringen volledig uit te wissen. Anders dan bij Casey waren in Debbies geval geen militairen aanwezig, maar alleen personen in burgerkleding. Naar het zich laat aanzien werd Debbie door haar "vriend" naar de hut gelokt, verdoofd en naar een privé-kliniek of iets dergelijks gebracht. Daar nam men blijkbaar weefselmonsters en werd een implantaat uit haar oor verwijderd. Omdat de arts blijkbaar wist wat er in haar oor geïmplanteerd was, kan men ervan uitgaan dat Debbie niet voor het eerst door deze personen werd ontvoerd, want iemand moet toch dat implantaat hebben ingebracht. Maar die ingreep kan ze zich niet meer herinneren, misschien omdat al haar herinneringen daaraan werden uitgewist.

Beth Collins en Anna Jamerson hebben al sinds hun kindertijd geregeld UFO-ontvoeringservaringen.47 Hiertoe behoren ook het wegnemen van eicellen en foetussen, alsmede kunstmatige bevruchtingen en implantaties. Beide vrouwen namen deel aan de UFO-ontvoeringsconferentie van 1992 in het MIT. In 1993 op een avond in april overkwam Beth echter iets wat niet in het gebruikelijke schema van UFO-ontvoeringen past. In die periode bezocht ze een plaatselijke avondschool die ze altijd om negen uur weer verliet. Zo ook op die bewuste avond. Ze reed via haar vaste route naar huis, door de landelijke omgeving. Normaliter duurde die rit ongeveer een uur, maar die avond werd ze hinderlijk gevolgd door een witte pick-up truck. Beth wist de achtervolger af te schudden. Toen ze bijna thuis was, stuitte ze op een wegversperring. Ze herinnert zich dat ze daar enkele auto's zag staan en haar rijbewijs moest laten zien. Hoewel alles in orde was, gebood iemand haar om uit te stappen. Beth weigerde. Ten slotte gebaarde men van: doorrijden maar. Toen ze thuiskwam, was het elf uur, en had ze het gevoel of haar handen sliepen. En toen ze zich de missing time van ongeveer een uur bewust werd, voelde ze zich nog minder op haar gemak, hoewel niets op een UFO-ervaring wees.

Onder regressiehypnose kwam een schokkende ervaring boven water. Tot het moment waarop iemand haar zei uit de auto te stappen, was de hypnosesessie normaal verlopen. Maar bij die passage aangekomen, reageerde Beth geïrriteerd en vreesachtig. Op de vraag (V) hoe de persoon reageerde toen Beth (B) weigerde uit te stappen, antwoordde ze geprikkeld:

B: "Hij doet het portier rechts van mij open!"
V: "Wie doet dat portier open?"
B: "Een man in een lange jas."
V: "Wat zegt hij tegen je?"
B: "Stap uit de wagen! -Waarom? Wat moet dat?"
V: "Geeft-ie antwoord?"
B: "Nee, néé! Ik heb niets verkeerds gedaan. Als u iemand wilt aanhouden, neem dan die gek in die pick-up te grazen! Ik wens niet uit te stappen!"47

Vervolgens bevindt ze zich niettemin buiten haar auto. De man in de lange jas vergezelt haar naar een vrachtwagen met een in camouflage-kleuren beschilderde canvashuif- het leek een legervrachtwagen. Ze vertelt dat er meer mannen in de buurt zijn. Daarna krijgt ze een blinddoek om. De vrachtwagen trekt op en brengt haar naar een onbekende plaats.

V: "Wat gebeurt daar?"
B: "Ze spuiten me iets in."
V: "Wie spuit wat in, en waar- in je arm?"
B: "Ik geloof dat ze me... met iets steken."
V: "Hoe voel je je?"
B: "Idioten! (huilend) Wat willen jullie?"
V: "Wat antwoorden ze?"
B: "Ze geven geen antwoord."
V: "Hoe voel je je nu?"
B: "Moe- ik weet niet... waarom... ik weet niet... oh-h-h, het is zo moeilijk om je aandacht erbij te houden.47

Beth werd verdoofd en naar een ander vertrek gebracht. Daarna wend ze geheel ontkleed en op een onderzoekstafel gelegd. De onderzoekers tastten haar buik en navel af.

B: "Oeh... m'n navel... niet aankomen. Ik voel vingers, navel, hier....... (Beth raakt haar buik aan)... op m'n rug... onder m'n armen."

Vervolgens keert men haar om en wordt ze met een lamp beschenen. Ze heeft de indruk dat ze op een veldbed ligt, en windt zich zeer op.

B: "Ik wou maar dat ze weggingen. Ik wil niet dat ze dat doen."
V: "Wat wil je niet?"
B: "M'n benen spreiden."
V: "Wie doet dat?"
B: "Een vrouw. Het voelt niet aan of het een man is. Ze begint me te onderzoeken."
V: "Gebruikt ze haar vingers of een speculum?"
B: "Eerst voelt het warm aan. Misschien een lamp. Het voelt warm aan... Ze zegt: "Eens even kijken." Ik probeer mijn benen te sluiten."
V: "Kún je je benen sluiten?"
B: "Bijna... oeh (begint te huilen)."
V: "Wat gebeurt er nu?"47

Beth grijpt naar haar rechterarm.

V: "Heb je nóg een injectie gekregen?"
B: "Ik geloof van wel....."47

In de loop van de hypnosesessie vertelt Beth verder dat ze hevige dorst had. Uiteindelijk werd ze met de vrachtwagen weer naar haar auto teruggebracht. Beth kan tot op heden niet begrijpen hoe deze traumatische ervaring in het patroon van haar UFO-ontvoeringservaringen zou moeten passen, omdat het zojuist beschrevene zonder meer aardse karakteristieken vertoont.

Pat (pseudoniem) woont in Florida en begon zich in 1985 UFO-ontvoeringservaringen te herinneren. In de zomer van 1954 was Pat elf jaar en woonde ze met haar moeder, stiefvader en een broer op een boerderij bij Floyds Knop in Indiana. Op een avond zagen ze vanuit de boerderij een oranjekleurige lichtbol in de lucht zweven. Plotseling voerde de lichtbol vreemde, rappe manoeuvres uit, tot hij ineens verdween. Diezelfde nacht verschenen naast Pats bed een klein grijs wezen en enkele wat grotere witte wezens. Daarna werd ze aan boord van een onbekend vliegend object gebracht. Pat herinnert zich hoe ze op een tafel lag en hoe een klein grijs wezen met een buitenproportioneel en haarloos hoofd met een naaldvormig instrument via haar rechter neusgat een klein object hij haar inbracht. Er volgden nog meer onderzoekingen, die ze zich echter niet meer precies kan herinneren. Ten slotte brachten de wezens haar naar haar bed terug.

De broer van Pat herinnerde zich nog heel goed dat hun boerderij de volgende ochtend door militairen werd bezocht. Ze arriveerden in enkele kleine witte vrachtauto's, een groen voertuig en een jeep. Soldaten zwermden uit over het terrein en sloten het af van de buitenwereld. De militairen haalden diverse uitrustingsstukken uit de groene wagen. Het gezin werd vier dagen lang door de militairen in huis vastgehouden. Pats broer mocht echter het vee verzorgen. Eenmaal vroeg een man in een witte jas of de varkens zich vreemd hadden gedragen. De soldaten namen overal grondmonsters. Pat kan zich nog herinneren dat twee vrouwelijke artsen haar een injectie gaven. Daarna voelde ze zich soezerig en werd ze verhoord. De bevelvoerende kapitein verhoorde de andere leden van het gezin, die eveneens een injectie hadden gekregen. Pat denkt dat het misschien om een waarheidsserum ging. Na het spuitje voelden ze zich dromerig en waren ze bereid over al hun "geheimen" te praten. Een van de militairen wilde weten hoe die wezens eruitzagen en of ze gekleed waren. Een andere militair wilde hen wijsmaken dat ze het allemaal maar gedroomd hadden.

Afgaande op deze uitlatingen zou men kunnen denken dat de militairen op dat moment (omstreeks 1954) zelf niet wisten wat zich op de boerderij werkelijk had afgespeeld. Misschien had men een onbekend vliegend object geregistreerd en vervolgens een onderzoeksteam met medici naar de boerderij gestuurd. Daar werd het boerengezin blijkbaar met behulp van drugs verhoord en werd het terrein op sporen onderzocht. De aanwezige soldaten schenen niets van UFO-ontvoeringen te weten, of wilden de verhalen daarover niet geloven. Na deze gebeurtenis verhuisde het gezin naar een stad.

Aan hun UFO-ontvoeringservaringen kwam daarmee echter geen einde. Pat werd haar hele verdere leven met het onbegrijpelijke geconfronteerd. Haar akeligste belevenis vond plaats op 24 juli 1993.

Toen ze uit haar slaap ontwaakte, voelde ze zich groggy en beneveld- alsof ze onder invloed van drugs verkeerde. Bovendien hoorde ze rare, op "pss, pss, pss" lijkende geluiden. Ze herinnert zich hoe daarna twee mannen haar huis binnendrongen en haar naar een gereedstaande militaire vrachtwagen droegen.43 Ze meent dat de rit ongeveer een uur duurde, hoewel ze zich dat als gevolg van haar toenmalige toestand niet meer precies kan herinneren. Haar tong voelde aan of hij opgezet was. Toen de vrachtwagen stilhield, zag ze een grote poort die naar buiten toe openging en toegang bood tot het inwendige van een heuvel. Na een korte rit door een flauw verlichte tunnel stopten ze. Toen Pat uitstapte, kwam het haar voor alsof ze een klein, groengrijs en oosters ogend meisje naast de vrachtwagen zag staan. Via enkele gangen werd ze vervolgens naar een vertrek gebracht met in het midden een stalen tafel. De hele omgeving leek haar minder hygiënisch dan de keren dat ze aan boord van een UFO gebracht was.

De volgende herinneringsflarden betreffen weer het kleine meisjesachtige wezen. Pat denkt dat ze dat wezen al eerder had gezien. In het vertrek waren opnieuw de vreemde geluiden te horen. Daarna werd het haar zwart voor de ogen, tot ze weer in haar bed wakker werd, begeleid door de zonderlinge geluiden. Twee dagen na het incident ontdekte Pat een bloeduitstorting in haar pols, met in het midden daarvan een puntvormige prikplek. Wat Pat vooral shockeerde, was het feit dat de vrachtauto, de ondergrondse installatie en de mannen er zo volkomen aards uitzagen. Naar het zich laat aanzien werd Pat- evenals Casey- door militair personeel met een vrachtauto naar een ondergronds complex gebracht en daar, net als tijdens haar UFO-ontvoeringen, onderzocht. De vraag is waarom ze zich dat kleine groengrijze, oosters ogende, meisjesachtige wezen zo goed kon herinneren. Misschien haalde haar onderbewuste twee verschillende ontvoeringservaringen door elkaar. Omdat haar ontvoerders haar verdovende middelen toedienden, kan ze zich niets essentieels herinneren. Het is zeer goed mogelijk dat ze daarom haar herinnering aan het vreemde wezen om zo te zeggen over de door de militairen uitgewiste herinneringen heen geschoven heeft.

Ontvoeringsgevallen waarbij de betrokkene beweert ufonauten in het gezelschap van militairen of overheidsbeambten te hebben gezien, wekken bij de serieuze UFO-onderzoeker grote twijfel. Veel mensen lijken het verschijnsel van de UFO-ontvoeringen niet serieus te nemen, omdat het niet in ons huidige wereldbeeld past, en gevallen waarin ufonauten samen met militairen worden gezien zijn nóg minder aanvaardbaar. Tal van onderzoekers weigeren dan ook vierkant dergelijke verhalen te geloven, of nemen ze voorlopig met een korreltje zout. Voor wij nader op deze problematiek ingaan, willen we eerst nog het zeer gecompliceerde geval Angie (pseudoniem) bekijken43

Angie werd in 1966 geboren en heeft Schotse en Duitse voorouders. Met haar echtgenoot drijft ze een kleine veeboerderij buiten een grote stad in Tennessee. Vóór 1988 kon ze zich geen enkele UFO-ontvoeringservaring herinneren, en had ze voor zulke zaken ook helemaal geen belangstelling. In de nacht van 24 juli 1988 werd ze echter verlamd in haar bed wakker en keek ze in de hypnotiserende ogen van verscheidene witte onbehaarde wezens. Nadat een van hen een serum in haar arm had geïnjecteerd, werd het zwart voor haar ogen. De volgende morgen ontdekte Angie twee van naaldenprikken afkomstige rode puntjes.

In augustus van datzelfde jaar had ze een volgende UFO-ontvoeringservaring, waarbij ze door twee kleine grijze wezens naar een buiten de boerderij in de lucht zwevend schijfvormig voertuig werd gebracht. In dat voertuig werd ze door een in een overall gehulde blonde man onderzocht. Rond eind november verschenen voor het eerst helikopters boven hun stuk land. In februari 1989 had ze een volgende ontvoeringservaring. Twee dagen daarna kwam een man van het elektriciteitsbedrijf naar de boerderij om de transformators te controleren, hoewel niemand hem daarom gevraagd had. In maart had ze een flashback waarbij ze verschillende personen in een vertrek zag. Die personen leken onder invloed van drugs te verkeren, omdat ze een verwarde indruk maakten. Op 23 maart 1989 vlogen negentien helikopters, waaronder enkele met registratietekens van de Amerikaanse luchtmacht, over hun land. Tien dagen later deed zich een volgende ontvoering voor, die zich echter van de voorgaande onderscheidde.

Angie herinnert zich hoe een vreemd wezen, klein van stuk, haar gedachten aftastte. Deze procedure wordt in Geheimboek UFO1 beschreven en staat bekend als mind scan. Kort daarop verschenen er vijf militairen, van wie er vier olijfgroene uniformen droegen. De vijfde man had donker haar en was gekleed in een lange kakikleurige overjas met vele zakken. Het vreemde wezen schrompelde plotseling ineen tot een lichtend bolletje. De leider van de groep legde haar uit dat dat wezen van een hologramachtige origine was en door zijn team was gecreëerd. Vervolgens werd Angie door een van de geüniformeerde mannen naar een voor het huis geparkeerde autobus gebracht. Toen ze de mannen vroeg wie of wat zij waren, antwoordde de oudere man dat zijn team in speciale ondergrondse complexen werkte en dat zij, Angie, onderdeel van een mind control-experiment was. Angie kreeg drugs toegediend en werd over haar UFO-ontvoeringservaringen ondervraagd. Na het verhoor kwam ze om vijf uur 's morgens in haar bed weer bij. In de daaropvolgende maanden had ze wederom UFO-ontvoeringservaringen.

Bovendien lijkt ze een tweede militaire kidnapping te hebben ondergaan. Ze herinnert zich hoe ze door iemand in uniform door een ondergronds complex werd geleid. Tussen april 1992 en maart 1993 werden op haar boerderij en op die van haar buren dieren aangetroffen die op mysterieuze wijze verminkt waren. In oktober 1993 begon ze zich te herinneren dat ze op een keer met drie andere vrouwen op een open plek in het bos was. Even later landde daar een helikopter. Zij en een donkerharige vrouw werden het toestel in gesleept en kregen verdovende middelen toegediend. De helikopter vloog de vrouwen naar een afgelegen militaire basis, waar ze verhoord werden. Angie herinnert zich nog hoe ze een vergaderruimte werd binnengeleid waar verscheidene militairen en personen in burger aanwezig waren. Een van de militairen had allerlei onderscheidingen op zijn uniform. Nadat een vrouw haar een donkerrode vloeistof te drinken had gegeven, verloor ze het bewustzijn.

Toen ze weer bijkwam, keek de militair met de onderscheidingen haar diep in de ogen en controleerde hij of ze nog in trance was. Angie kon nog net zien hoe een vrouw de militair tegenover haar een rode doos aanreikte. Toen ze andermaal bijkwam, was ze thuis op de boerderij. Diezelfde dag verschenen er weer helikopters boven hun land, en op 9 november trof ze wederom een verminkte koe op de wei aan.
's Avonds hoorde ze nogmaals helikopters en daarna geluiden die leken op die van een remmende auto. Even later drong een groep mannen in olijfgroene overalls de boerderij binnen. Angie werd naar een donkergroene helikopter gebracht. In de helikopter kreeg ze weer een injectie. De bemanning bracht op haar borst en schouders zonderlinge apparaatjes aan. De helikopter landde weer op een militaire basis, waar het er nogal gejaagd aan toe ging. Angie werd door de militairen naar een gebouw gebracht waar ze door medici werd onderzocht. Dat onderzoek bestond uit een reeks lichamelijke tests, het nemen van bloedmonsters, een douche en een gynaecologisch onderzoek. Na deze medische procedures werd ze weer naar huis gebracht.

Vier dagen daarna werd Angie opnieuw door personen in militaire uniformen gekidnapt. Ze kreeg drugs toegediend en werd door het complex geleid. Ditmaal naar een vertrek met een onderzoekstafel en verscheidene medische toestellen. Nadat ze op de tafel was gelegd, sondeerde men haar hoofd met een instrument dat tikkende geluiden maakte. Angie hoorde dat de medici het over implantaten hadden. Een vrouwelijke arts zei tegen Angie dat men een implantaat hij haar zou inbrengen om haar tijdens een UFO-ontvoering beter in de gaten te kunnen houden. Kort daarop werd via haar linkerneusgat iets in haar hoofd ingebracht. Vervolgens deelde men haar mee dat de implantaten van de militairen de door de ufonauten ingebrachte apparaatjes hergeprogrammeerd hadden. Even later werd Angie door een barse majoor in een andere kamer over haar UFO-ontvoeringservaringen ondervraagd. Na dat verhoor beval de majoor een wachtpost om haar naar de testkamer te brengen. Nadat ze nogmaals een injectie had gekregen, raakte ze buiten bewustzijn.43

Het is wel duidelijk waarom men aan zulke militaire kidnappingsverhalen evenmin geloof kan hechten als aan ontvoeringen door ufonauten. Dergelijke geschiedenissen klinken alsof ze zich in een of andere Latijns-Amerikaanse dictatuur of in de voormalige Sovjet-Unie hebben afgespeeld. Niemand kan of wil zich voorstellen dat in een democratische staat als de VS zulke heimelijk uitgevoerde militaire acties werkelijk plaatsvinden, en dat de door het volk gekozen regering dat zou dulden. Maar ondertussen heeft vrijwel iedere Noord-Amerikaanse UFO-ontvoeringsonderzoeker wel een aantal van dergelijke geschiedenissen in zijn dossier. Ogenschijnlijk beginnen de militaire contacten met de UFO-ontvoerden nadat de mysterieuze zwarte helikopters zonder kenteken zijn verschenen. De betrokkenen worden vervolgens naar een privé-kliniek, een militaire basis of een ondergronds militair complex gebracht. Daar worden ze aan diverse medische procedures onderworpen. Het lijkt erop dat de in die complexen werkende medici de nodige ervaring hebben met het inbrengen en verwijderen van implantaten. Zoals al opgemerkt, vertellen sommige ontvoerden dat ze militairen met ufonauten sámen hebben gezien. Omdat de ontvoerden naar het schijnt onder invloed van drugs worden gebracht of met geavanceerde mind control-methodes worden behandeld, moet men zulke verhalen met de nodige reserve bekijken. In een volgende paragraaf wordt een van die gevallen, met hulp van de ontvoerde persoon zelf, uitvoerig onder de loep genomen.

Er is zoals gezegd een enquête gehouden onder tal van UFO-onderzoeksorganisaties over de hele wereld, opdat we ons een beter beeld van deze gebeurtenissen kunnen vormen. Interessant is dat niet een van de 270 door dr. Bullard onderzochte gevallen in het eerder beschreven schema past.30,31 Maar bijna iedere Noord-Amerikaanse UFO-ontvoeringsonderzoeker is sinds het midden van de jaren tachtig op een aantal militaire kidnappings gestuit die wel het genoemde patroon vertonen.48 Naar het zich laat aanzien toonden deze "UFO-eenheden" vóór 1984 geen zichtbare belangstelling voor personen die beweerden dat zij door ufonauten waren ontvoerd. Dr. Leo Sprinkle onderzocht zes gevallen waarin naast UFO-ontvoeringservaringen ook sprake is van militaire kidnappings.35 Richard Hall heeft drie van zulke zaken in zijn ontvoeringsdossiers,36 dr. Richard Boylan negen,34 Ann Druffel twee,49 John Carpenter één,50 dr. James Harder twee,51 Dan Wright van het MUFON-Abduction Transcription- project achttien33 en dr. Karla Turner beschrijft in haar boek Taken zeven van zulke gevallen.43 En die lijst kan natuurlijk nog uitgebreid worden. Omdat het verschijnsel van de UFO-ontvoeringen zich niet tot de VS beperkt, rijst de vraag of ook in andere landen gevallen bekend zijn waarin UFO-ontvoerden het slachtoffer werden van een of meer militaire kidnappings. Er is bij UFO-organisaties en tal van onderzoekers in Canada, Australië, Ierland, Engeland, het vaste land van Europa, Afrika en Brazilië navraag gedaan, en dat leverde het volgende resultaat op.

Canada lijkt buiten de VS het enige land te zijn waar militaire contacten werden gelegd met personen die beweren door ufonauten te zijn ontvoerd. Michael Strainic van MUFON-Canada deelde mee dat zijn groep vijf á zes vermeende UFO-ontvoerden heeft onderzocht die symptomen van militaire kidnappingservaringen vertoonden.52 Canada lijkt ook het enige land buiten de VS te zijn waar zwarte helikopters zonder kenteken in de context van dierenverminkingen opduiken. Cory Sine, directeur van de Alberta UFO Research Association (AUFORA), liet weten dat zijn organisatie hiervan waarnemingen in haar gegevensbestand heeft.53

In Engeland vond een eigenaardige ontvoering plaats die in het genoemde schema lijkt te passen. Dit geval, dat door de Britse onderzoekster Jenny Randles is onderzocht,41 deed zich voor in 1965 in de omgeving van Birmingham, waar (pseudoniem) in die tijd met haar man woonde. Op een dag reed het echtpaar de stad uit. Tijdens de rit werd het ineens zwart voor Margary's ogen. Toen ze weer bijkwam, bevond ze zich in een schaars verlicht vertrek waarin een langwerpige tafel en een bed stonden. Een man met een witte baard en een lange neus voerde een nogal vreemd medisch onderzoek op haar uit. Hoewel ze onder invloed van verdovende middelen verkeerde, kan ze zich nog herinneren dat haar echtgenoot ondertussen met enkele mannen praatte. Een van de mannen bracht Margary onder hypnose. Haar echtgenoot verdween na de ontvoering van zijn eigen vrouw spoorloos. Mogelijk was hij medewerker van een geheime dienst en misbruikte hij zijn vrouw als proefkonijn in een mind control-experiment. Dit alles hoeft niets met het UFO-ontvoeringsfenomeen te maken te hebben, hoewel er toch enkele parallellen zijn. Sinds die tijd lijkt er zich op de Britse Eilanden geen vergelijkbare gebeurtenissen meer te hebben voorgedaan. De onderzoekers van de British UFO Research Association (BUFORA), van Quest International en de Ierse onderzoeksorganisatie IUFOP hebben er niet een onder hun gegevens.54

Ook is er geen enkel UFO-ontvoeringsgeval uit Noord-, Midden- of Zuid-Europa bekend waarbij de betrokkenen meldden dat ze na hun UFO-ontvoering door militair personeel gekidnapt werden. In Zuid-Amerika en Afrika is het gezien de politieke situatie wel mogelijk dat militairen burgers ontvoeren en experimenten op hen uitvoeren. Men kan daarbij echter geen rechtstreeks verband met UFO-ontvoeringen aantonen. De psychologe Gilda Moura gaf tijdens de in 1992 in het MIT gehouden conferentie een overzicht van Braziliaanse ontvoeringsgevallen.55,56 Circa 90% van de UFO-waarnemingen in Brazilië vindt plaats in dunbevolkte gebieden en blijken daar eenzelfde patroon te vertonen als dat in andere landen: zo worden de Braziliaanse UFO-ontvoerden door de ufonauten aan vergelijkbare medische procedures onderworpen en met vergelijkbare instrumenten behandeld. Maar ook in Brazilië is geen enkel goed onderzocht geval van UFO-ontvoering bekend dat op betrokkenheid van een of andere militaire groepering zou wijzen.55,56,57

De Australische UFO-onderzoeker Keith Basterfield deelde mee dat hij persoonlijk zo'n vijftig ontvoeringsgevallen heeft onderzocht en van nog eens honderd terdege op de hoogte is. Hij kent evenwel geen enkele Australische ontvoering waarbij militairen betrokken zijn.58 Voordat we nader ingaan op de verschillen tussen de beide soorten ontvoeringservaringen, zetten we eerst de volgende feiten nog even op een rijtje:

1. Kort nadat de zwarte helikopters zonder kenteken steeds meer belangstelling begonnen te tonen voor personen met UFO-ontvoeringservaringen, doken de eerste meldingen van kidnappings door militaire groeperingen en/of geheime diensten op.

2. De betrokken UFO-ontvoerden vertellen dat ze door militair personeel en/of medewerkers van een geheime dienst ontvoerd werden en drugs kregen toegediend. Daarna werden ze meestal naar een privé-kliniek, een militaire basis of een ondergronds complex gebracht.

3. Daar werden ze door militairen ondervraagd, geïntimideerd en onderzocht door artsen. Soms leken deze artsen belangstelling voor implantaten te tonen. Vaak worden bij de slachtoffers de herinneringen aan het gebeurde door middel van mind control-methodes uitgewist.

4. Deze militaire contacten lijken de laatste tijd net als de helikopteractiviteit toe te nemen. Gemiddeld heeft iedere Noord-Amerikaanse UFO-ontvoeringsonderzoeker ongeveer drie procent van zulke gevallen in zijn dossier. Dat percentage ligt hoger bij onderzoekers die recente gevallen hebben bestudeerd.

5. Buiten de VS en Canada lijken geen kidnappings door militaire eenheden of personeel van geheime diensten in samenhang met UFO-ontvoeringen voor te komen.

In de volgende paragraaf nu willen we gedetailleerd op de verschillen tussen ontvoeringen door ufonauten en kidnappings door militaire eenheden ingaan.

Bronnen:

1 Helmut Lammer en Oliver Sidla, Het geheimboek UFO: Geborgen UFO-wrakken, experimenten met dieren, ontvoeringen door buitenaardse wezens, vrijgegeven geheime dossiers, Tirion, Baarn 1996.
29 Debbie Jordan en Kathy Mitchel, Abducted! The Story of the intruders Continues, Carroll & Graf Publishers, New York 1994. Ned. vert. door Henk Popken, Ontvoerd, v. Reemst, Houten, 1996.
30 Thomas E. Bullard, UFO Abductions: The Measure of a Mystery; Volume 1: Comparative Study of Abduction Reports, Fund For UFO Research (FUFOR), PO. Box 277, Mount Rainer, Maryland 20712, VS.
31 Thomas E. Bullard, UFO Abductions: The Measure of a Mystery; Volume 2: Catalogue of Cases, Fund For UFO Research (FUFOR), PO. Box 277, Mount Rainer, Maryland 20712, VS.
33 Dan Wright, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
34 Richard J Boylan, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
35 Leo Sprinkle, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
36 Richard Hall, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
41 Martin Cannon, The Controllers: A New Hypothesis of Alien Abduction, VS, 1991: Mind Control Forum, Internet: www.mk.net/~mcf, 1996.
43 Karla Turner, Taken: Inside the Alien-Human Abduction Agenda, Kelt Works, 1994.
44 David Jacobs, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
46 Karla Turner, Into the Fringe: A True Story of Alien Abduction, Berkeley Books, New York 1992.
47 Beth Collins en Anna Jamerson, Connections: Solving Our Alien Abduction Mystery, Wild Flower Press, PO. Box 726, Newberg, OR 97132, VS, 1996.
48 Helmut Lammer, "Preliminary Findings of Project MILAB: Evidence for Military Kidnappings of Alleged UFO Abductees", Mufon UFO Journal, nr. 344, december 1996.
49 Ann Druffel, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
50 John Carpenter, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
51 James Harder, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
52 Michael Strainic, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
53 Cory Sine, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
54 IUFOP, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
55 Gilda Moura, "Abduction Phenomena in Brazil" in: Alien Discussions, Proceedings of the Abduction Study Conference held at MIT, Cambridge, MA, North Cambridge Press, PO. Box 241, North Cambridge Post Office, Massachusettes 02140, VS, 1994.
56 Gilda Moura, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.
57 Irene Granchi, UFO's and Abductions in Brazil, Horus House Press, Madison, Wisconsin, VS, 1995.
58 Keith Basterfield, persoonlijke mededelingen aan Helmut en Marion Lammer, 1996.

-->