Buitenaardse implantaten.
Vreemde voorwerpen zijn gehaald uit de lichamen van mensen die beweren ontvoerd te zijn. Is dit een bewijs voor buitenaards contact? Jenny Randles onderzoekt.
Vanaf zijn jeugd maakt Pat Parrinello al vreemde dingen mee. Op zesjarige leeftijd werd hij thuis in Noord-Amerika wakker en merkte dat hij verlamd was, terwijl er een helder licht aanwezig was. Hij beweert dat zo de jarenlange metingen en onderzoeken begonnen die wezens met grote hoofden op hem uitvoeren. In het ufo-jargon heten deze wezens de "grijzen". Parrinello kan zich zijn ervaringen uitstekend herinneren, in tegenstelling tot veel ontvoerden die regressie-therapie nodig hebben om tot een herinnering (of een fantasie, zeggen sceptici) te komen van wat er plaatsvond. Hij herinnert zich niet alleen dat hij werd ontvoerd, maar ook dat hij werd meegenomen in een vreemde kamer waar de buitenaardse wezens medisch onderzoek op hem verrichtten.

Derrel Sims
Buitenaardse operaties.
Na zo'n ervaring had Parrinello het idee dat de wezens een klein apparaatje ergens in zijn lichaam hadden geďmplanteerd. Hij is niet de enige- er is een groeiende groep ontvoerden die beweren dat er een implantatie bij hen is uitgevoerd.
De laatste jaren is het een grote uitdaging voor onderzoekers om deze implantaten op te sporen en te bewijzen dat ze van buitenaardse oorsprong zijn. Voor Pat Parrinello leverde dat allemaal weinig resultaat op.
In augustus 1995 werd Parrinello een van de eersten die onder het mes ging bij de chirurg om een mogelijk buitenaards artefact op te sporen, samen met een vrouw ("Janet") uit een ander deel van Noord-Amerika bij wie voorwerpen in haar linkervoet waren geplaatst. De chirurgische ingrepen werden verricht door Dr. Roger Leir, in zijn operatieruimte in Ventura, Californië. Het was de ufoloog Derrel Sims die dit unieke onderzoek begeleidde en hij heeft de twee ontvoerden naar de chirurg gebracht.
De operatie moest in het diepste geheim plaatsvinden. Dr. Leir was bang voor tuchtmaatregelen omdat hij een ongebruikelijk onderzoek deed, en vertelde dat "betrouwbare mensen die op dit gebied actief zijn hun praktijk kwijt kunnen raken". Ondanks deze bedenkingen legde Leir de operatie op video vast.
Tijdens de operatie deed Leir een experiment. Toen de voorwerpen nog op hun plaats zaten in het lichaam van de patiënt tikte hij er voorzichtig op. Zowel Parrinello als Janet waren op dat moment onder een zware plaatselijke verdoving, maar ze reageerden heftig. Janet sprong bijna van de tafel. Het blijft voor Dr. Leir een raadsel waarom de verdoving hier niet werkte.

Röntgenfoto met implantaat van een hand.
Magnetisch raadsel.
Een andere ontdekking was dat het voorwerp in Parrinello's lichaam magnetisch was. Het veroorzaakte een enorme uitslag op een apparaat dat elektromagnetische veldsterkte meet. Nadat het voorwerp was weggesneden, wat lastig was omdat het steeds aan het metaal van de chirurgische instrumenten bleef vastzitten, vloeide dit magnetisme weg.
Aan het eind van de operatie was er een voorwerp van 2 bij 4 millimeter verwijderd. Het was donker van kleur en omhuld door een membraan van hemoglobine en keratine (proteďnen die in het lichaam aanwezig zijn). Vreemd weefsel dat het lichaam binnendringt, is altijd omhuld door een bepaald materiaal, en dit omhulsel leek daar erg op. Het bleek qua DNA van Parrinello afkomstig. Maar Leir was ervan overtuigd dat het geen cyste was, en beweerde nog nooit zoiets te hebben gezien. Bovendien was het zo stevig dat er nog geen scalpel doorheen kwam en staken er diverse zenuwuiteinden uit. Dit laatste verklaarde misschien de reactie van de patiënten op het moment dat "het" werd aangeraakt.
Twee voorwerpen van gelijksoortige samenstelling, waarvan één driehoekig en 1,5 bij 1,5 mm groot, werden bij Janet verwijderd. Daarna werden alledrie de implantaten door Derrel Sims meegenomen naar de Universiteit van Houston om verder te worden onderzocht.
Buitenaardse voorwerpen?
Kwamen deze minuscule voorwerpen, met een doorsnede van minder dan een centimeter op natuurlijke wijze in het lichaam terecht? Of zijn ze door een buitenaardse intelligentie ingezet? Deze vraag wordt onderzocht sinds ze bij de slachtoffers zijn verwijderd.
Onder het membraan lijken de voorwerpen te zijn samengesteld uit zwarte, glimmende metalen strips. Een chemische analyse wijst op de aanwezigheid van boron- een stof die normaliter niet in het lichaam wordt aangetroffen.
Onder ultraviolet licht krijgen de implantaten een groen schijnsel, en Sims beweerde dat hij hetzelfde effect had gezien op de lichamen van andere ontvoerden, die, naar hij vermoedde, ook implantaten onder de huid hadden. Hij zegt zelfs dat bij verdere experimenten in 1996 nog 13 mogelijke implantaten verwijderd zijn uit de lichamen van ontvoerden.

Analyse van sceptici.
Maar niet iedereen is overtuigd door dit opmerkelijke onderzoek. Philip Klass, een luchtvaartjournalist en een aartsscepticus wat betreft ufo's, merkt op dat er geen enkel bewijs is gevonden dat de implantaten iets met buitenaardse activiteit te maken hebben. Noch is er een duidelijke functie aangetoond. Hij denkt dat het alledaagse vergroeiingen in het lichaam zijn die jarenlang niet worden opgemerkt, omdat ze geen pijn of ongemak veroorzaken.
Klass beweert ook dat Parrinello al in 1984 over een zwelling in zijn hand sprak.Betekent dat dat zijn "implantaat" er al heel lang zat en daarom waarschijnlijk van aardse oorsprong is?
Het verhaal van de implantaten.
Implantatten horen pas sinds kort bij het ontvoeringsscenario. Zoals de "ruimte-ontvoeringen" pas een decennium na de geboorte van de moderne ufologie werden gerapporteerd (het eerste beschreven geval dateert van 1957), kwam de ontdekking van littekens op het lichaam van ontvoerden pas rond 1966, en werden ze pas midden jaren "70 serieus genomen.
Op deze littekens wordt, net als op de implantaten, door critici heel wat afgedongen. Ze komen voornamelijk in de V.S. voor- zelden in andere landen, zelfs als daar veel ontvoeringen plaatsvinden. Maar het is natuurlijk ook mogelijk dat er buiten Amerika minder naar zulke gevallen wordt gezocht.
Onderzoekers wijzen er ook op dat wel één op de drie mensen desgevraagd een onbekend plekje op hun huid kunnen vinden. Dat zijn mensen die nog nooit een ufo hebben gezien, laat staan dat ze ontvoerd zijn. Betekent dit dat een derde van de bevolking "gespacenapped" is en daarna medisch onderzocht? Of zijn die plekjes gewoon overblijfsels van allang vergeten bulten en schaafwondjes uit de jeugd?
Geschiedenis van de implantaten.
De eerste berichten van ontvoerden die meenden dat er voorwerpen in hun lichaam waren geplaatst, dateren uit de late jaren "70. De meeste implantaten zouden door de neus naar binnen zijn geduwd, en de mensen die dachten ontvoerd te zijn, werden met een bloedneus wakker. Bloedvlekken op de lakens waren dikwijls de eerste aanwijzing voor onderzoekers dat er een ontvoering kon hebben plaatsgevonden.
In de jaren "80 nam het aantal gevallen spectaculair toe, totdat één op de vier ontvoerden melding maakte van dit soor zaken. De inbreng gebeurde op verschillende plaatsen, waarbij het hoofd, het oor en de mond werden genoemd, naast de neus. Implantaten in andere lichaamsdelen, zoals de hand of de voet, wat het geval was bij de gevallen die in 1995 door Leir en Sims werden onderzocht, komen echter zeer zelden voor.

Sterk uitvergrootte implantaten.
In de mond.
Een van de eerste implantaat-gevallen met bewijzen uit de eerste hand, en een van de weinige die buiten de V.S. plaatsvonden, werd onderzocht door de sociaal werker en ufoloog Keith Basterfield in Zuid-Australië. Het betrof "Susan" een jonge vrouw uit Adelaide die beweert dat haar eerste contact met buitenaardse wezens dateert van 1971, toen ze tien jaar oud was. Er volgden diverse contacten, met periodiek medisch onderzoek, dat volgens haar werd uitgevoerd om haar ontwikkeling te volgen.
Twee soorten wezens hielden zich bezig met Susans ontvoeringen: kleine, met grote hoofden, die lijken op de "grijzen" en die al het handwerk verrichtten, en een groter, meer op een mens lijkend wezen dat de baas scheen te zijn.
In 1991 verscheen op een röntgenfoto bij Susans tandarts een onidentificeerbaar voorwerp in haar mond. Er werd een afspraak gemaakt voor een tweede, meer gedetailleerde scan, twee weken later. Nu was er geen spoor meer te zien van het voorwerp. Susan vertelde aan Basterfield dat ze tussen het nemen van de twee röntgenfoto's nog een keer was ontvoerd: ze vermoedde dat de buitenaardsen het implantaat hadden verwijderd om ontdekking te voorkomen. (Helaas zijn de röntgenfoto's in de tussentijd verdwenen.)
Opmerkelijk genoeg vertelt Pat Parrinello dat toen hij besloten had om zijn implantaat te laten verwijderen, in 1995, hij wekenlang last had van beďnvloeding door de buitenaardsen. Hij vermoedt dat ze de operatie wilden verhinderen. Hij had last van hoofdpijnen, en zag ufo's die hem volgden. Men kan zich afvragen waarom hij niet ook opnieuw werd ontvoerd zodat het bewijs verwijderd kon worden.

Op weg naar de waarheid.
Met de technologie van vandaag moet het mogelijk zijn om de vraag te beantwoorden of de implantaten van buitenaardse oorsprong zijn of niet. Er is helaas één probleem: in Amerika worden alle verrichtingen in ziekenhuizen gecontroleerd door de verzekeringsmaatschappijen. En welke maatschappij zal bereid zijn aanzienlijke bedragen neer te tellen voor onderzoek naar een fenomeen dat de meeste doktoren als flauwekul bestempelen?
Maar het is van groot belang deze stap te zetten om verder te komen. Er moeten zich doktoren aanbieden die ruimdenkend genoeg zijn om het bewijs te willen onderzoeken, zodat we uiteindelijk zeker zullen weten of er buitenaardse voorwerpen in mensen worden geďmplanteerd.